Financiële ontwikkelingen Sociaal Domein
Financiële ontwikkelingen sociaal domein
In deze paragraaf worden de belangrijkste ontwikkelingen in het sociaal domein geschetst. Dit betreft de hoofdbudgetten – veelal openeinderegelingen – op de diverse onderdelen binnen het sociaal domein.
Sociale Zaken
Binnen het product algemene bijstand zijn zowel meevallers als tegenvallers zichtbaar ten opzichte van de Berap 2025. Op de bijstandsuitgaven binnen het BUIG-budget is een voordeel gerealiseerd van €138.000 (circa 2% van het totale budget van ruim €7 miljoen). Ook op de loonkostensubsidies is sprake van een voordeel van €60.000 (ongeveer 2%). Daartegenover staan nadelen van in totaal €177.000, veroorzaakt door afrekeningen uit het verleden, lagere BBZ-onderzoekskosten (€85.000) en een mutatie in de voorziening dubieuze debiteuren sociale zaken (€92.000). Op de TOZO-regeling is per saldo een voordeel ontstaan.
Op het budget voor Bijzondere Bijstand is per saldo een onderschrijding van €149.000 gerealiseerd. De verruiming van de inkomensgrens voor de individuele inkomenstoeslag van 110% naar 120% van de bijstandsnorm heeft geleid iets minder aanvragen van Bijzondere Bijstand en iets meer aanvragen individuele inkomenstoeslag. Omdat het om openeinderegelingen gaat, is het voordeel gestort in de reserve minimabeleid (budgettair neutraal).
Binnen sociale zaken vallen ook de budgetten voor vluchtelingen en vluchtelingen uit Oekraïne. Voor vluchtelingen Oekraïne is een voordeel van €447.000 ontstaan, vooral door een te hoge raming van infrastructuurkosten en een niet volledig ingeschatte rijksbijdrage. Op de opvang van vluchtelingen is daarnaast een voordeel van €81.000 gerealiseerd, doordat de kosten ruim binnen de ontvangen normvergoeding zijn gebleven.
Wmo
Huishoudelijke ondersteuning laat een nadelig saldo zien van €49.000* ten opzichte van de begroting van iets meer dan €4,7 miljoen. Dit geeft aan dat de prognose die tijdens de Berap 2025 is gemaakt, en waarbij er €525.000 extra beschikbaar is gesteld voor het HO budget, we goed zijn uitgekomen bij de jaarrekening. De toename die tijdens de Berap zichtbaar was, heeft zich in dezelfde lijn doorgezet, maar niet meer dan was voorzien tijdens de Berap.
Wmo voorzieningen laat een nadelig saldo zien van €22.000. Dit nadelige saldo wordt verklaard door de woonvoorzieningen, welke erg grillig zijn en ons ook voorgaande jaren juist veel voordeel opleverde. In Q4 is er een grote woningaanpassing geweest welke onder andere heeft gezorgd voor de overschrijding. Wmo Begeleiding laat ten opzichte van de Berap 2025 een voordelig saldo zien van €157.000*. De eerdere trend van toename zoals de afgelopen jaren zich voordeed, heeft zich, net als vorig jaar, dit jaar niet verder doorgezet. Er is bij de Berap al reeds €250.000 afgeraamd vanwege de zichtbare daling in kosten die zich voordeed. Met name de laatste drie maanden van 2025 laten een afname van zowel aantallen als de kosten zien ten opzichte van de prognose ten tijde van de Berap. PGB Wmo laat een voordelig saldo zien van €163.250. Ongeveer €100.000 hiervan wordt verklaard door een lager aantal PGB’s t.o.v. waarop begroot is. De tendens die vorig jaar ook al goed zichtbaar was is goed tot uiting gekomen, en dit geeft aan dat er dus er minder gebruik van een PGB wordt gemaakt. Ook hebben we op dit budget een positieve eindafrekening gehad vanuit SamenTwente in het kader van inzet van personeel in de regio, waarbij Twenterand een bedrag ontving.
Jeugd
De budgetten jeugdhulp
In 2025 is de nieuwe inkoop van jeugdhulp van start gegaan. Daar waar Twenterand als eerste gemeente de forse kostenstijging signaleerde, is er ook gedurende het jaar gebleken dat bij meerdere gemeenten dezelfde trend zichtbaar is geweest. Ten tijde van de Berap 2025 hebben wij dus ook het budget moeten bijstellen met ruim €2,2 miljoen. Helaas is dit achteraf niet voldoende gebleken, aangezien er op het gebied van de geïndiceerde jeugdzorg alsnog sprake is van een nadelig saldo van € 771.000*. Dit is ongeveer 7% van het gehele budget en wordt met name veroorzaakt door een stijging in absolute aantallen, in zowel verblijf als ambulante hulp, in kwartaal 4 van 2025. Tevens zitten hier enkele dure cliënten met complexe casuïstiek bij, wat zorgt dat we over het budget heen zijn gegaan.
Vervoer
Het budget voor leerlingenvervoer is dit jaar met een klein nadeel van €72.000 afgesloten dat wordt veroorzaakt door een toename van 18 leerlingen en langere ritlengten. Dit is overigens op de grootte van dit budget een uitstekend resultaat en zulke afwijkingen kunnen helaas voorkomen. Dit heeft te maken met goede prognoses. Het Jeugdwetvervoer laat een voordeel van € 50.000 zien en het Wmo-dagbestedings-vervoer en de regiotaxi een voordelig saldo van € 22.000. Een goede prognose van het vervoer onder de nieuwe contractvoorwaarden heeft geleid tot budgetten waar we goed mee uitkwamen.
* Saldi zijn nog onder voorbehoud van definitieve productieverantwoordingen.
Senior/Adviseur bedrijfsvoering sociaal domein.
Door een amendement is hiervoor geen structurele goedkeuring gekomen. Uit de toelichting tijdens de raadsvergadering werd - bij de duiding van dit amendement - wel geconstateerd dat de raad openstaat voor een tijdelijke functie. Gezien de noodzaak van deze functie is dat nu ook nu eind 2025 gerealiseerd met incidentele dekking uit o.a. de reserve personeel. De bevindingen hiervan zullen komend jaar worden geëvalueerd. We zagen al wel dat door het ontbreken van deze functie we minder grip hebben en achter de feiten aan lopen.
Implementatie Krachtig Ouder Worden
In 2025 was de besluitvorming voor het inzetten van het programma Krachtig Ouder Worden. Dit programma richt zich op het bevorderen van de vitaliteit en zelfredzaamheid van ouderen, met als doel de inzet van zwaardere en kostbare maatwerkvoorzieningen (HO, trapliften en scootmobielen) op termijn te beperken. Door vroegtijdig in te zetten op preventie, bewustwording en het versterken van fysieke en sociale veerkracht, wordt beoogd zowel de kwaliteit van leven van ouderen te vergroten als de financiële druk op de Wmo te reduceren. De voorbereidingen voor de implementatie zijn daarna verder getroffen en effecten van deze inzet zullen in de komende jaren gemonitord worden om de doelmatigheid en effectiviteit van het programma te evalueren.
Begeleiding en dagbesteding
Per 2025 hebben we na een aanbestedingsprocedure nieuwe overeenkomsten afgesloten voor begeleiding en dagbesteding en indiceren we volgens een nieuw en versimpeld model. Het jaar 2025 diende als overgangsjaar, waarin gaandeweg het jaar alle lopende indicaties omgezet zijn naar het nieuwe model. Deze overgang is goed verlopen. De nieuwe inkoop Wmo lijkt geen significant financieel effect te hebben.
Woningaanpassingen
In 2025 is een kostenstijging zichtbaar geweest binnen de woningaanpassingen. Dergelijke schommelingen blijven, gezien de aard en urgentie van individuele aanvragen, niet altijd volledig voorspelbaar. Daarnaast hebben er gesprekken plaatsgevonden met de woningcorporatie over het kunnen bemiddelen voor woonurgentie. Dit dient ter voorkoming van ingrijpende en kostbare woningaanpassingen op locaties die niet passend zijn voor de lange termijn.
Aanbestedingstraject hulpmiddelen 2025–2026
In 2025 is een nieuw aanbestedingstraject gestart, met inzet vanaf mei 2026. De nieuwe contractvorm markeert een overgang van een koopconstructie naar een huurconstructie. Voor de uitvoering zijn twee aanbieders geselecteerd. De daadwerkelijke impact van deze nieuwe constructie op kosten, kwaliteit en continuïteit zal gedurende de contractperiode inzichtelijk worden.
Wmo-dagbestedingsvervoer en regiotaxi
In 2025 is het Wmo-dagbestedingsvervoer, inclusief de regiotaxi, over het geheel genomen goed verlopen. De dienstverlening is stabiel gebleven en knelpunten zijn snel opgepakt met de vervoerder. De consulenten sturen actief op zakelijke start- en eindtijden om ritten efficiënter te plannen en waar mogelijk te bundelen. Hierdoor daalt het aantal afzonderlijke ritten zonder dat dit ten koste gaat van de kwaliteit van het vervoer.